Wapen Amsterdam

Genealogie Seijnen
 


|    Home    |    Parenteel Seijnen    |    Fotoalbum    |    Kwartierstaten    |    Namenindex    |    Bronnen en links    |    Sitemap    |    Contact    |



 

 Parenteel Seijnen

   parenteel:
 Cornelis Jan Seijnen
 Margaretha Dina
 Johanna
 Jan
 Jacobus
 Nicolaas
 Hendrik
 Pieter
 Johanna Margaretha
 
   zie ook:
 Fotoalbum
 Nakomelingenlijst
 Familieschetsen
 Personenindex
 Bronnen en Links
 


 



Familieschetsen

Het verzamelen van familiegegevens brengt je met veel famillieleden in contact. Mensen die je kent en mensen van wie je nog nooit had gehoord. Via via kom je er steeds meer tegen. Het is leuk om op deze manier de familie te zien "groeien", maar:

Wie zijn nu eigenlijk die Seijnens?

Uit de boom vallen

Om daar achter te komen is Familieschetsen opgezet, een pagina voor en door de hele familie. Natuurlijk mogen anderen hier ook van meegenieten!

Iedere familie kent zijn eigen verhalen, over opa, oom, tante ... Grappige, rare of trieste verhalen, over helden en oenen, bijzondere en vooral: gewone mensen, een bonte verzameling bij elkaar.
Het is de bedoeling ook deze pagina te laten groeien, dus als je iets te vertellen hebt: stuur een mailtje! Voor de duidelijkheid: het gaat niet alleen om mensen met de naam Seijnen, maar om iedereen met Seijnen-genen, welke naam dan ook.

Sommige namen komen nogal vaak voor binnen de familie, een jaartal achter de naam is het geboortejaar, zodat je weet over wie het gaat.
Op de andere pagina's van deze site staat iedereen netjes op volgorde, maar hier staat de hele familie dwars door elkaar. Als geheugensteuntje daarom eerst een overzicht van de oudste Seijnen-telgen. Let op de kleuren van de namen, ze komen terug in de stukjes.
 


Smile
 

IN ……N NAAM: ALLE KINDEREN VAN

(over Cornelis Jan Seijnen 1838)

geboren:

CORNELIS JAN was ook de naam van zijn eerste kind. Hij werd maar 10, toch 1861
Ouder dan zijn broertje JACOB CORNELIS, die slechts 3 oud jaar werd. 1863
Reuze blij waren ze met een meisje: MARGARETHA DINA, ze werd 84 en kreeg 8 kinderen. 1865
Na 1Ĺ jaar werd JOHANNA geboren, die haar zus met 2 jaar en 2 kinderen overtrof. 1866
En toen kwam de eerste tweeling: JACOBUS, hij leefde maar 18 dagen, even 1868
Later gevolgd door JAN , hij werd 76 jaar en kreeg minstens 13 kinderen. 1868
In 1870 kwam weer een JACOBUS, hij werd 35 jaar en kreeg 3 kinderen. De volgende 1870
Seijnen-telg kreeg de naam REINIER, hij werd 31 jaar en is overleden in het jaar van zijn huwelijk. 1871
   
Jammer, de volgende zoon was NOMEN NESCIO, hij kreeg niet eens een geboorteakte. 1873
Anders verging het JAN CORNELIS, hij werd 41 maar bleef ongehuwd. Toen kwam 1874
NICOLAAS, het eerste kind bij zijn tweede vrouw. Die werd 66 en kreeg 4 kinderen. 1875
   
Sneu voor de eerste MARIA CORNELIA, ze werd nog geen half jaar oud. 1877
En HENDRIK kreeg alleen dochters, wel 8 ! hij werd 51 maar kwam niet alleen, want hij werd 1878
IJlings gevolgd door tweelingbroer COERT, die al na 3 maanden is overleden. 1878
Na twee jaar kwam er weer een MARIA CORNELIA, ze werd 28 jaar en kreeg 4 kinderen. 1880
En de jongste zoon noemden ze PIETER, hij werd 71 jaar en kreeg 13 kinderen. 1882
Na 3 jaar kwam het laatste kind: JOHANNA MARGARETHA, ze werd 69 met 2 kinderen. 1885

Bron: Cornelis Jan Seijnen kreeg net zoveel kinderen als zijn naam lang is
 
noodsein SEI(J)NEN

Zeg het op z'n plat Amsterdams:

"Noodseine sijne seine die seine as de seine stuk sijne"

een oud Seijnen-gezegde
 
En nu nog een keer, maar dan heel snel:

"De familie Seijnen zijnen seinen aan het seinen, maar het zijnen noodseinen,
omdat de seinen waar de familie Seijnen anders de seinen mee seinen kapot zijnen."

Toevoeging 2e rijmpje: Louis Nijman van Maaskant Seijnen (1938)
DE POOT VAN PIET

(over Piet Seijnen 1882)
 

Piet met z'n houten poot

aan de arm van zoon Henk Seijnen

Piet had een zweertje aan zijn voet. "Ach, dat slijt wel....."  Niet dus, het zweertje nam de overhand (of liever voet) en kostte hem uiteindelijk zijn been. Nadien was Piet "de man met de houten poot".
Hij lustte wel een borreltje en ging vaak op zondag naar de kroeg. Zijn jongste zoon Nico vond dat verschrikkelijk, want bij thuiskomst was hij niet altijd even aangenaam. Dus bedacht hij een oplossing en hing de houten poot op aan de muur, zo hoog dat zijn vader er niet bij kon. Zonder poot kon hij niet lopen, dus ook niet naar de kroeg. Piet was laaiend: "Geef m'n poot terug of ......" en ging zo erg tekeer dat Nico de poot er maar weer vanaf haalde, beseffend dat een vader die niet naar de kroeg kan nog erger is dan een vader die net uit de kroeg komt.

Bron: Nico Seijnen (1924)
BOTER, MEFROUWTJE?  BOTER, MUVVREUW?

(over Nico Seijnen 1875 en Piet Seijnen 1882)
 

De broers Nico en Piet hadden een gouden gedachte om wat centen te verdienen: boter verkopen. In de kelder werd ťťn groot vat neergezet, vol met "echte" boter. De verkoop ging langs de deuren: "Boter, mefrouwtje?".
In Zuid woonden de welgestelden, waarom zouden die niet meer mogen betalen? Dus werd de boter in verschillende kleuren papier verpakt, met verschillende prijskaartjes. De blauwe wikkel het duurst.
"De boter was toch wel veel beter dan die van eerverleden week, muvvreuw?" werd er gevraagd, nadat een klant de vorige week ervan was overtuigd beter het blauwe pakje te kopen. "Ja zeker, doe mij maar weer een pakje van die duurdere boter, je proeft werkelijk het verschil" antwoordde de dame.
Het was een goudmijntje, maar de crisisjaren voor de oorlog brachten een einde aan deze lucratieve handel.

Bron: Nico Seijnen (1924) en anderen

Het verhaal gaat verder:
HET KIPPENHOK IN DE KELDER

(over Nico Seijnen 1875)

(vervolg)

Aangezien de boterhandel zo'n succes was en eieren ook wat zouden kunnen opleveren, wilde Nico kippen gaan houden. Natuurlijk begin je dan met een kippenhok. Alle materialen die hij nodig had sjouwde hij de smalle keldertrap af. Na uren zagen, timmeren en zwoegen stond er een mooi groot kippenhok. Vol trots liet hij het aan zijn broer Piet zien: "Maar hoe k..k..k..krijgen we dat k..k..k..k..kippenhok nou uit de k..k..k..kelder?"
Voor als je het nog niet wist: Nico was een stotteraar.

Bron: Bert van Raan (1930)


timmerman

MUZIEK EN EEN FOTO OM BIJ WEG TE DROMEN ...

(over Jallie Seijnen 1907)

Een knap stel samen.
Jallie op zijn viool, zij achter de piano. Samen maakten ze hele mooie muziek. Dat deden ze
Jallie Seijnen en onbekende pianiste vaak en ze waren goed op elkaar ingespeeld, dat kon je duidelijk horen. Verder is er weinig bekend over dit muzikale duo.
Jallie had MS (Multiple Sclerose) en stierf op 33-jarige leeftijd.
Van de pianiste is niets bekend, niet eens haar naam.
Wat overbleef is de herinnering aan hun prachtige muziek en deze mooie foto.
Wie weet wie zij was en wat er van haar terecht is gekomen?
Jallie en zijn pianiste
FEESTGANGERS

(over Piet Seijnen 1882, Cornelis Jan Seijnen 1838,
Jan van den Tweel 1890 en Margie Seijnen 1894)
 

Piet tegen zijn kleinzoon, die zijn verjaardag vierde: "Kom is hier knul, dan krijg je een kwartje van opa". Het ventje stak zijn hand uit, opa greep hem beet en drukte hem stevig. Het voelde warm en er droop iets langzaam tussen zijn vingers door. Het was geen kwartje, maar een uitgekouwde natte pruim! (nee, niet zo'n ding dat aan een boom groeit, gewoon pruimtabak).
Nu kan je denken: wat was die Piet een gemene vent, maar daar zullen velen het niet mee eens zijn. Het was een hele gezellige kerel, altijd vrolijk en vol met grapjes. Vooral bij de dames viel hij goed in de smaak. Het is dan ook niet verwonderlijk dat menig nichtje hem vroeg: "Oom Piet, kom je bij mijn huwelijk getuigen?" En Piet, al pruimend, verscheen. Niet alleen om te getuigen, maar ook om de boel wat op te vrolijken.
Het werd haast een traditie om oom Piet te vragen, zelfs door sommige neefjes. Een traditie die hij trouwens van zijn vader had overgenomen. In het begin gingen ze ook samen. Als grootvader en oom trokken ze van bruiloft naar bruiloft. Op woensdag 2 juli 1913 was het zelfs dubbel feest: neef Jan en nicht Margie gingen trouwen, maar dus niet met elkaar.
Piet en zijn vader gaven bij de getuigenis bij Jan keurig netjes naar waarheid hun gegevens door: grootvader Cornelis Jan Seijnen, timmerman, 75 jaar oud en oom Piet Seijnen, pakhuisknecht, 31 jaar oud. Geen vuiltje aan de lucht.
Vervolgens trouwden er 6 andere stellen en deden vader en zoon een verjongingskuur, waar mogelijk een borreltje aan te pas kwam.
Toen was Margie aan de beurt. Piet en zijn vader gaven wederom hun gegevens door: grootvader Cornelis Jan Seijnen, timmerman,
70 jaar oud en oom Pieter Seijnen, loopknecht, 28 jaar oud.
Wie wilden ze hiermee nu weer een poets bakken?
Zien of de gemeenteambtenaar hun nog herkende?
Daar zullen we helaas nooit achter komen.

bronnen: Nico Seijnen (1924) en gemeentearchief Amsterdam
 feestganger
DE VLIEGENDE MOTOR
 

Leuk verhaal over opa Seijnen...

motor


(over Nico Seijnen 1904)
 

Hij had een oude motor op zolder staan die hij weer helemaal in elkaar gezet had. Geweldig maar dat ding moest natuurlijk ook naar beneden want er moest op gereden worden. Dus touw erom heen en aan de giek gehangen (je weet wel zo'n ding aan de gevel waar je je huisraad aan op kan hijsen voor de verhuizing) beneden twee kerels aan het touw en boven mijn opa die de motor zo van zolder naar buiten reed.
Puntje bij paaltje hingen de heren allemaal met motor op 1 hoog en moest de halve straat uitlopen om hun weer veilig op de grond te krijgen...

Een bijdrage van Ester Seijnen (1969)
ONZE FAMILIEGESCHIEDENIS
 

familiegeschiedenis
 

AAN DE DOOD ONTSNAPT

(over Henk Seijnen 1921, Nico Seijnen 1924 en broers)
 

WO II. Veel hollandse jongens werden naar Duitsland getransporteerd om te werken in de fabrieken. Zo ook de broers Fok, Henk, Wim en Nico Seijnen. Fok ging naar Berlijn, de overige drie naar Kassel.
Nico en Henk moesten werken in een levensmiddelenfabriek. De productie was voor het Duitse leger. In Kassel werden de goederen op de trein gezet, die bracht alles naar het front.
Wat doe je als jonge Amsterdamse Seijnen in zo'n situatie? Die dooie rat gaat in de gaarketel, een vieze ouwe sok gaat door de soep: 'Kracht voor de Wehrmacht!'. Natuurlijk, het begint met kattekwaad en loopt uit op sabotage.
De broertjes zouden de hongerige Duitse soldaten wel eens een verrassing bezorgen: een trein vol levensmiddelen, waarvan helemaal niets eetbaar. Wat je niet allemaal kunt verknoeien aan eten... Eenmaal aan het front zou toch niemand meer de daders kunnen vinden.
Ze deden het bijna in hun broek toen de trein, die enkele uren geleden was vertrokken, weer terug kwam! De spoorbaan was vernield en voorlopig was er geen treinverkeer mogelijk. Wat nu? Als de goederen in Kassel weer werden uitgepakt, was het niet moeilijk achter de daders te komen! Wat zou er met ze gebeuren?
's Avonds ging het luchtalarm. Iedereen moest de schuilkelders in. In de schuilkelder was het benauwd en klam. Te veel stinkende mensen in een kleine ruimte. Huilende baby's, angstige moeders. Wie weet hoe lang ze er nog moesten blijven. Nico kreeg het wel heel erg 
bombardement Kassel benauwd en zei tegen broer Henk: "Kom, laten we gaan. Hier heb ik het gevoel dat ik dood ga." *
Diezelfde nacht, van 22 op 23 oktober 1943, werd Kassel door de RAF platgebombardeerd. Nico en Henk bekeken alles vanaf een huis dat wonderlijk genoeg overeind bleef.
Van de gehate levensmiddelenfabriek bleef niets over, de gevreesde trein werd met inhoud en al weggevaagd.
De schuilkelder die ze hadden verlaten werd bedolven onder het puin. De mensen zaten als ratten in de val, niemand kwam er levend uit.
In totaal vielen ca 10.000 doden, de stad brandde 7 dagen, 95% van de binnenstad werd verwoest. Het duurde weken voordat alle lichamen uit de straten en schuilkelders waren geborgen. Het was een hel op aarde, maar... de broers bleven ongedeerd.

* Noot: Nico geloofde stellig dat zijn moeder, die overleed toen hij ruim 3 maanden oud was, hem altijd als een engeltje beschermde en hem veilig door het leven loodste. Waarschijnlijk had zij hem ingefluisterd de kelder te verlaten.

Foto: Kassel na het bombardement
 

Bronnen: Nico Seijnen (1924), Nico Seynen (1947) en de encyclopedie

Het verhaal gaat verder:
WAAROM SEYNEN EN GEEN SEIJNEN?

(over Henk Seijnen 1921, Nico Seijnen 1924

(vervolg)

en Nico Seynen 1947)
 

Toen Nico terug ging naar zijn onderkomen om te kijken of er nog iets van zijn spullen over was, vond hij tussen de puinhopen alleen de metalen sluitingen van zijn koffer. Hij had dus helemaal niets meer (zal ook niet veel geweest zijn). Broer Henk zal het niet veel anders zijn vergaan.
Er was niks meer over van Kassel, maar ook niets meer te doen, dus moesten de broers weg. Ze werden geplaatst in het stadje Gerabronn, een eind zuidelijk van WŁrzburg. Daar stond een fabriek voor voorgefabriceerde etenswaren, zoals soep en noedels van de firma SchŁle Hohenlohe.
Nico en Henk werkten in de productie van die fabriek en werden samen met de anderen die te werk gesteld waren in de fabriek ondergebracht in barakken aan de rand van het stadje. Op het kantoor van de fabriek werkte Lina Keim. Iets wat Henk al snel was opgevallen.
Een relatie tussen een Nederlandse arbeider en een Duitse kantoormedewerkster was nog wel wat precair en ook moeder Keim werkte in de fabriek. Toch lukte het Henk om buiten de fabriek om met Lina af te spreken en er bloeide iets moois op. Zo mooi dat na het einde van de oorlog Henk niet met zijn broer terugkeerde naar Amsterdam*,

 Henk Seijnen

 maar in Gerabronn bleef: bij zijn Lina.
Henk vroeg Lina ten huwelijk. Maar Lina was evangelisch en Henk niet. Volgens de Gerabronner familietraditie moest er echter wel in de evangelische kerk getrouwd worden. Henk, als brutale Amsterdammer, zei gewoon dat hij ook evangelisch was. Dat was overigens zo kort na de oorlog toch niet te controleren.
Henk en Lina Seijnen

In 1947 werd hun eerste zoon geboren: Nico, genoemd naar zijn oom. Henk had zijn broer toen al meer dan twee jaar niet gezien, ondanks dat ze daarvoor samen heel wat hadden meegemaakt.
Hij deed natuurlijk aangifte van de geboorte bij de burgerlijke stand in het raadhuis van Gerabronn. De ambtenaar kende natuurlijk de Nederlandse lange IJ niet. Maar, die zit wel in de naam Seijnen. Henk gaf daar als alternatief de Ypsilon op, in plaats van de losse I en J. Zo kwam de net geboren Nico officieel in het register als Nicolaas Seynen: het gevolg van een taalkundig cultuurverschil tussen Nederland en Duitsland.
Een jaar na Nicoís geboorte verhuisde het gezin naar Amsterdam. Daar werd ook zoon Henk jr. geboren, maar wel met zijn achternaam op de oorspronkelijke wijze geschreven natuurlijk.

Bij zijn huwelijk is het aan Nico nog aangeboden om deze schrijffout officieel te herstellen in zijn naam. Hij heeft echter van het aanbod geen gebruik gemaakt. Daarom heten ook zijn kinderen Seynen en geen Seijnen.

Foto's uit Gerabronn: 1) Henk Seijnen,
2) Henk en Lina Seijnen met Nico Seynen 

Een bijdrage van Dennis Seynen

* Het verhaal gaat verder:
BIJ DE MARINE

(over Nico Seijnen 1924)
 

Zorreg, dat je d'r bij komt, bij de marine, bij de marine.
Zorreg, dat je d'r bij komt, bij de marine moet je zijn.
Het is gezond voor je lijf en je leden,
Bij de marine is d'r niemand ontevreden.
Zorreg, dat je d'r bij komt, bij de marine  etc... etc...

 (vervolg)

De oorlog was voorbij. Nico, inmiddels 20 jaar oud, keerde terug naar Amsterdam, zonder broer Henk. Hij was nog niet in militaire dienst geweest, dus kreeg waarschijnlijk nog een
oproep. Wie weet wat hem dan weer boven het hoofd hing, misschien stuurden ze hem wel naar IndiŽ...
Gelukkig was er een uitkomst: de MARINE. Hollandse mariniers gingen naar Amerika en kregen een gedegen opleiding. Hij meldde zich aan als vrijwilliger, ruim een maand later kreeg hij te horen dat zijn vertrek naar Washington DC was uitgesteld. Daar bleef het bij. Was hij er ingeluisd? Waarschijnlijk wel ...
     Nico Seijnen
Nico Seijnen Op 4 mei 1946 vertrok hij naar Soerabaja. Dus toch naar IndiŽ! *
Hij repareerde en bouwde bruggen, waarbij de kogels soms over zijn hoofd suisden. Maar als er nergens een brug nodig was, verveelde hij zich te pletter. Gelukkig bezat het land veel schoonheden, waaronder ook dames. De ene deed zijn was, de andere zorgde voor verse eieren (hij werkte er wel 70 weg in drie dagen!), weer een andere wist de weg naar goedkope sigaretten. En zo kende hij er nog een paar.
Wat ook hielp tegen verveling en heimwee was de mail. Talloze brieven werden geschreven en ontvangen. Apetrots was hij toen er een brief kwam uit Duitsland van broer Henk, met een foto er bij van z'n nieuwe naamgenoot: neefje Nico Seynen!
Het ergste wat hem overkwam was malaria. Hij woog nog maar 55 kilo,

 Nico Seynen

maar toen hij weer trek kreeg at hij wel 2 gebraden kippen! (Voor wie de Indische kip niet kent: ze lijken op een uitgerekt kuiken en passen makkelijk met z'n tweeŽn in 1 Hollandse kip).
Tijdens zijn herstel bezocht Nico vaak het nabijgelegen zwembad, waar hij BIJNA leerde zwemmen: "Nog even doorzetten en ik kan het!" Toen werd hij door de dokter ontslagen.
Bij terugkomst wachtte hem een onaangename verrassing: hij werd bijna voor de krijgsraad geworpen als deserteur! Weken lang lag hij in een hospitaal, ergens ver weg in de bergen. Niemand had hem ziek gemeld, maar hij werd wel vermist. Na enig geharrewar kon gelukkig alles worden rechtgezet.
Plotseling kwam het bericht dat hij naar huis mocht. NAAR HUIS! Op 31 maart 1948 vetrok hij, een maand later was hij thuis. Van nu af geen buitenlandse avonturen meer, daar had hij schoon genoeg van. Dus nam hij ontslag bij de marine en bleef in Amsterdam.
Ook als ex-marinier heeft hij nooit kunnen zwemmen, de malaria-aanvallen keerden van tijd tot tijd terug.

* Deze Nico Seijnen was trouwens niet de eerste die naar IndiŽ ging. Een halve eeuw daarvoor verbleef zijn oom Nico Seijnen er ook enkele jaren.
 

Foto's: marinier Nico Seijnen (2x) en de
foto uit Duitsland met Nico Seynen

Bron: Nico Seijnen (1924)
SEIJNENS IN AMSTERDAM
 
De eerste Seijnens kwamen eind jaren 30 (maar dan wel van de 19e eeuw) in Amsterdam aan. Het waren Cornelius Seijnen met zijn vrouw en drie dochters. Amsterdam bestond toen uit wat we tegenwoordig de binnenstad noemen: het gebied dat omsloten wordt door de Nassaukade, Stadhouderskade en Mauritskade. Midden in deze kleine oude stad werd in 1838 onze stamvader Cornelis Jan geboren.
Al snel verhuisde het gezin naar de westrand van de stad, net buiten de oude stadspoort aan de Buitensingel, later de Singelgracht genoemd.

Amsterdam in 1850-1950
grijs: 1850
zwart: 1950

Cornelis Jan woonde de rest van zijn leven in Amsterdam-West, hoewel hij daarbinnen vaak verhuisde. Ook een groot deel van zijn kinderen bleef later in het westelijke stadsdeel wonen.
Als de stad zich westwaarts uitbreidde, trokken de Seijnens mee naar het westen.
Daarna verspreidde het groeiend aantal Seijnens zich over de hele stad, doch het westen

Amsterdam in 2000
Amsterdam in 2000
bleef het zwaartepunt. Enkelen vertrokken, soms wel zo ver als Canada.
De stad had intussen verschillende malen haar grenzen verlegd, het grondgebied werd alsmaar groter. Toen verlegden ook de Seijnens hun grenzen en verhuisden naar Almere/Lelystad, richting Purmerend/Hoorn of elders. Dit gedrag is niet echt typerend voor de familie Seijnen, het valt geheel binnen het patroon van de Amsterdamse bevolking. Maar het aantal Seijnens dat in Amsterdam achterbleef werd alsmaar kleiner.
Het is niet de bedoeling hier een volledig demografisch verslag te brengen, maar een paar cijfertjes zijn wel leuk. Het gaat nu alleen om personen die met de naam Seijnen zijn geboren, familieleden met een andere achternaam vallen in dit lijstje buiten de boot:
 

  jaar

aantal inwoners Amsterdam

waarvan Seijnen

 

1850
1900
1950
2000

224.000
521.000
845.000
731.000

5
17
ca. 50
 hooguit 10

 
 
 
?

EEN WONDERBAARLIJKE TWEELING

(over Johanna Evertsen-Seijnen 1866,
Dirk en Nico Evertsen 1902)
 

Johanna, moeder van zeven kinderen, was opnieuw zwanger. En flink, want ditmaal droeg ze twee kindjes met zich mee.
Op dinsdag 18 maart 1902 was het zover: een jongetje werd geboren, hij kreeg de naam Dirk. En toen? Gebeurde er niets. Maar Johanna was nog steeds zwanger.
Op zondag 6 april was het weer zover: een jongetje werd geboren, hij kreeg de naam Nico.
Hoe is het mogelijk dat Nico drie weken na zijn broertje werd geboren? Dat kon alleen gebeuren omdat hij zo'n bijzondere moeder had: ze bezat twee baarmoeders! Er werden twee eitjes bevrucht, een twee-eiige tweeling dus. Alleen nestelden deze eitjes zich in twee verschillende baarmoeders!

tweeling


Nu blijken vrouwen met twee baarmoeders wel vaker voor te komen, maar dat er ook tegelijkertijd twee zwangerschappen ontstaan is wel heel bijzonder. Wereldwijd zijn er slechts enkele van dergelijke gevallen bekend. Indertijd werd er weinig aandacht aan geschonken. Pas in 1978 werd er over geschreven in het tijdschrift "Story".
 
Bronnen: gemeentearchief Amsterdam, Lina Seijnen-Keim (1921) en Joop Seijnen (1930)
SEIJNENS EN DE DOOD

Veel Seijnens reageren nogal lakoniek als ze horen dat een familielid is overleden. "Dood gaan we allemaal" en "het leven gaat verder" zijn veelgehoorde kreten. Dit betekent echter niet dat ze hier gevoelloos voor zijn. Nee, het is meer een aangenomen houding om gevoelens te verbergen.
doodskist
 
Deze Seijnens zijn vrolijk en joviaal, iets onaangenaams zoals de dood past hier niet bij. Ze kunnen ook niet tegen een gespannen sfeer. Bij plechtige of serieuze zaken voert de humor al snel de boventoon:
In een doodstille ruimte maakt iemand plotseling (zeer luid) een grap en iedereen kan weer rustig adem halen, de spanning is gebroken en ze beginnen allemaal door elkaar te praten, zeker als er veel Seijnens zijn. Soms werkt zo'n grap ook helemaal verkeerd, zeker als er geen andere Seijnens bij zijn. Goed, de grap was misschien niet geheel gepast, maar daar ging het ook niet om. Het ging er om de sfeer te breken, niet iedereen kan dat direkt begrijpen.
Onderstaande stukjes zijn bijeengeraapte fragmenten van gebeurtenissen rond overlijden en begraven in de familie.


Nachtwake

De levende zwager zegt tegen zijn overleden zwager: "Tja, daar zitten we dan met z'n tweeŽn. Tenminste, jij legt lekker. Maar ik geloof dat jij je bek niet meer opendoet." en krijgt vervolgens de stuipen op z'n lijf als de mond van de dode wijd open valt. Na enige aarzeling duwt hij de mond weer dicht "zo, dat is toch effe een beter gezicht".
Een poosje later valt z'n mond weer open. Het gaat nu moeilijker om hem weer dicht te krijgen en hij valt snel alweer open. Als hij stijf wordt met zijn mond open is dat morgen niet zo'n leuk gezicht voor zijn gezin. Dus dan maar een theedoek strak om zijn hoofd geknoopt, kan die mond niet meer openvallen.
Wat duurt zo'n nacht lang...
Gelukkig komt er aflossing van de wacht. Z'n broer komt binnen en zegt: "Wat heb je nou met hem gedaan? Hahaha! Hij lijkt de paashaas wel!"


Naar de begrafenis

Er wordt een oom begraven. De hele familie trekt in een stoet van karren en wagens, getrokken door paarden, richting begraafplaats. Ergens op een kar wordt uitbundig gezongen:

muzieknoten
 
Vrolijk gaat de kist omlaag, troelala troelala,
Vrolijk gaat de kist omlaag, troelalalalaaa!!!

muzieknoten
Het neefje, dat ook op deze kar zit, kan geen woord uitbrengen van verbazing en hoopt maar dat ze hier in de voorste wagen niets van kunnen horen!


Condoleance

Neef 1: Hť joh, wat doe jij hier? Dacht dat je allang dood was?
Neef 2: Nee hoor, mijn feessie komt nog!
Neef 1: Als ze daar ook alleen slappe koffie en cake van vorige week hebben kom ik niet!
Neef 2: Ach, je mot toch altijd effe je kop laten zien, anders is het niet netjes.
Neef 1: Weet je nog, die keer dat ... (er worden enkele indiscrete zaken opgediept van de overledene).
Neef 2: Ja dat was geweldig! En toen ... (het gaat nog verder).
Neef 1: Hahahaha! Ik geloof dat ik d'r in blijf! Hebben ze hier gelijk weer werk!
Neef 2: Maar ik geloof dat we gaan motten. De volgende stoet staat voor de deur te trappelen.
Neef 1: Die vragen zich vast af wat hier te lachen valt. Nou, tot kijk hŤ?
Neef 2: Leuk je weer is gezien te hebben, zie je wel weer op de volgende begrafenis.
Neef 1: Ja, de jouwe of de mijne? Hahaha!
 
JAN IS ZIEK

(over Jan Seijnen 1910)
 

Zoals zo vaak bevinden Jan Seijnen en familie zich op de camping. Er is echter een klein probleempje: Jan is ziek geworden. Hij ligt nu voor pampus op een stretcher in de schaduw van een grote boom. Zijn vrouw Marie brengt hem iets te drinken, Jan pakt het zwijgend aan.
Ze brengt hem een goed belegde boterham, Jan eet hem zwijgend op.
's Avonds gaat hij zwijgend de tent in, 's morgens komt hij er stilletjes weer uit en gaat liggen op de stretcher onder de boom. Af en toe slaat hij zijn ogen open en kijkt wezenloos op naar de takken boven zijn hoofd, maar zegt geen woord. Dit gaat zo'n twee weken door.
Dan zegt hij plotseling:
"Verrek! Het is een appelboom!"
Jan is blijkbaar weer beter.

Bron: Nico Seynen (1947)


van links naar rechts: Rinus (broer van Marie),

Fokke (broer van Jan), Marie en Jan Seijnen

EEN VOORUITZIENDE DAME

(over Dien Schonagen-Seijnen 1907)
 

Over tante Dien Schonagen...
Als "oudere" dame kwam ze altijd bij mijn oma op bezoek (Leen Seijnen-van Bemmel) met de tram want een "dame" ging niet 2 haltes lopen daar begon ze niet aan. Altijd als ze naar huis ging werden de haren in model gekapt, lippen gestift en een beetje rouge opgedaan want je wist nooit wie je tegen kwam uiteraard. Wel had ze een strijkbout in haar leren handtas want als je nou toch net die halve gare tegenkwam moest je je wel kunnen verweren...
Geweldig vond ik dat als kind.

Een bijdrage van Ester Seijnen (1969)
OPA SEIJNEN VERTELDE AAN DE HUISKAMERTAFEL

(over Jo Seijnen 1903)
 

Moet je nou is horen, m'n jongen
Ken je die bak van die metselaar?...Nou?....
Die is leeg!
Heb je hem niet zien staan hier vlak voor de deur ha yha ha!
Hoe vin jem? En dan deze:
Hoe is het koperdraad uitgevonden... He? Wat? Zeg het is...?! En wat denk je?...
Twee Hollanders vochten om een cent...
Haaa ha ha ha ha!!! (met zakdoek de tranen van z'n ogen) Heb je het? Snap je em?
Dat zijn wij, de krentewegers, ho ho!
Zit je lekker m'n jongen? Dan zal ik nog is een bakkie thee voor ons zetten...
Met een vleugje melk. Zat er genoeg suiker in jongen?
Zingend gaat Opa naar de keuken...

Ik ben der nog lang niet doorheen hoor, ha ha. Ik zal je der nog een vertellen...
Een vrouw kreeg het afgesproken bezoek van Co de behanger. En die zou de zaak er wel weer is mooi doen uitzien! De hele dag die man vlijtig dus aan het werk, en moeder de vrouw maar koffie brengen en broodjes had hij zelf. Eind van de dag moeder de vrouw meer dan in haar sas!:
"ooh behanger wat heeft u dat toch mooi gedaan zeg! Och ik zou u bijna... ach komt u is mee, naar de slaapkamer, dan zal ik u een plekje tonen waar m'n man altijd met z'n handen aan zit".
Co echter gevleid: "och mevrouwtje, ik op mijn leeftijd, ik heb liever een goede sigaar!"
Ho ho ho ho, ik lach me de tranen!
Het ging overgins over kaal stukje behang, doordat man er op steunde altijd, met sokken aan doen...
 
M'n jongen neem nou van mijn aan, je moet overal je kop voor gebruiken...
Ook zelfs als je een spijker in de muur slaat...
Daar moet je gewoon je kop voor gebruiken...
Heb je em... Ha ha ha hii hi hi hoo ho hoo !!
Nu, nou mag je goan, ha ha ha... of blijf je nog effe, krijg je koffie goed verkeerd! *
 

Hamer
Ja opa was een moppetapper van de bovenste plank!
En het was echt aan de huiskamertafel.
Hele middagen en soms avonden, ook als ik er is logeerde, ging het maar door.
Ik sta verbaasd dat ik me er nog zoveel van kan herinneren, en wat me te binnen schiet zet ik er
allemaal op.
Ik ben zelf trouwens ook een grapjas.

Alex Seijnen (1959)

* Nog veel meer moppen van opa zijn te vinden op "De Plejaden! Humor-pagina" van Alex Seijnen
IK HEB STIEKEM MET HAAR GEDANST...

(over Henk Seijnen 1951)
 

Een nachtelijke duik in de Rode Zee, een Spaanse Danseres die niet wilde dansen....

((helaas, geen duikverhaal, de site
waarop dit stond bestaat niet meer)
 

Foto: Henk Seijnen neemt een duik

FAMILIE OP HET WEB

Niet alleen op deze en de twee bovengenoemde, ook op andere websites kom je familie tegen.
Een deel hiervan is te vinden op de pagina Bronnen en links.
Weet je nog een website van of over iemand uit onze familie? Geef de link even door!

smile mail
GEEN VREDESDUIF

(over Nico Seijnen 1904)
 

De kraan moest vervangen worden en zoiets doe je natuurlijk zelf. De meeste mensen zouden eerst de hoofdkraan dichtdraaien, maar Nico vond dat niet nodig. Wat, helemaal naar beneden lopen en het gat onder de grond inkruipen? Nee, je houdt gewoon je vinger erop. Geen probleem voor een oersterke havenarbeider die met gemak twee kerels tegelijk aankon terwijl vier anderen hem vasthielden. Dus teiltje er onder, kraan er af en duim er op. Maar toen moest de nieuwe kraan gemonteerd en dat viel niet mee met ťťn hand!
Om een lang verhaal kort te maken: het hele gezin was verzopen, de keuken een zwembad en moeder kon alsnog naar beneden rennen om het donkere gat in te duiken, tastend naar de hoofdkraan.

Je zou haast denken dat Nico een onhandige klungel was, maar dat is echt niet waar. Uit weinig tot niets maakte hij de mooiste dingen. Dagen lang was hij bezig, van struinen op de vuilnisbelt, buigen, sleutelen, schroeven, smeren en oliŽn, tot er een zo goed als nieuwe fiets klaar stond.
Nico was niet alleen handig, hij had nog twee bijzondere eigenschappen. Ten eerste at hij alles. Niet zomaar alles, nee echt ALLES! Ten tweede had hij nogal last van hevige woedeaanvallen, waarbij je maar beter uit z'n buurt kon blijven.

Op een dag kwam hij thuis met een joekel van een vis. Deze werd niet schoongemaakt, maar in z'n geheel klaargemaakt en opgediend, van kop tot staart. De kinderen keken van de ogen van de vis naar de ogen van hun vader. Moesten ze ALLES opeten? JA! Nico had daar geen moeite mee. Schoorvoetend begonnen ze te eten, sommige stukjes vielen wel mee, maar ja, de bordjes moesten leeg. Voorzichtig stak de oudste dochter een stukje vel in haar mond, je kon de schubben zien zitten. Ze zag hoe haar vader gulzig zo'n oog in zijn mond stak en kon zich niet meer goedhouden. In ťťn klap kotste ze alles er weer uit, waarop Nico in woede uitbarstte en in ťťn klap de tafel omver smeet. Het jongste dochtertje sprong van schrik een meter de lucht in. Het was een chaos. Niemand hoefde die dag meer vis te eten.

vredesduif

ruzie in huis


Op dezelfde trap als Nico en zijn gezin woonde een duivenmelker. Af en toe sloop Nico naar de gemeenschappelijke zolder, stak zijn arm door het gaas en tastte net zo lang in de duivenhokjes tot hij een eitje vond. Die slurpte hij dan leeg, maar legde het altijd wel voorzichtig terug. De buurman was natuurlijk zeer verbaasd over de lege eitjes, tot hij Nico een keer betrapte. Toen was hij boos. Nico, ook woedend, greep de dichtstbijzijnde duif en rukte met zijn tanden zů de kop er af. Buurman viel stil ...
 
Het werd winter en zoon Hans was door het ijs gezakt. Gelukkig bleef hij halverwege hangen en waren alleen zijn broek en schoenen nat, maar hij durfde er haast niet mee thuis te komen. De afgelopen tijd was hij al vaker in het water gevallen en hij wist zeker dat hem een flink pak slaag van zijn vader te wachten stond. Dus sloop hij stilletjes naar binnen, maar Nico greep hem al in zijn kraag: WAT IS DAT? Hans mompelde nog dat het wel meeviel, maar voor hij het wist had vader de natte broek van zijn lijf gerukt en voelden zijn koude billen plotseling roodgloeiend. IN DE VOORKAMER JIJ! bulderde Nico, terwijl hij zijn hand liet zakken.
Daar zat Hans, in zijn verstelde onderbroek, zachtjes te jammeren. Hij keek naar de bevroren melkflessen en hoorde moeder thuiskomen. Waar is Hans? vroeg ze. IN DE VOORKAMER!
Kom gauw mee naar de keuken, zei moeder tegen de verkleumde Hans. Hij durfde zijn vader niet aan te kijken toen hij langs liep naar de keuken. Wat is er gebeurd? vroeg moeder. Hans: Ik weet niet, kwam thuis en pa rukte zomaar de broek van m'n kont. WAT? NU NOG LIEGEN OOK?! en Nico kwam razend op hem af. De keuken bood geen enkele uitweg, achter hem was alleen het raam waar hij straks uit gegooid zou worden. Moeder sprong tussenbeide en Hans glipte weg om zich te verstoppen. Hij wist dat zijn vader een kwartiertje na een woede-uitbarsting meestal wel weer was bijgetrokken.

Bron: Hans Seijnen (1943)
ONZE GEBOORTESTAD

Amsterdam, die grote stad, die is gebouwd op palen
en als die stad eens ommeviel, wie zal dat dan betalen?

een oud rijmpje
Amsterdam, die grote stad, die is gebouwd op palen
DE WEDDENSCHAP

(over Cornelis Jan Seijnen 1838)
 

Misschien is het nog niet opgevallen, maar de meest voorkomende naam op deze pagina is Nico. Nico, voluit Nicolaas, ook wel kortweg Co genoemd. Niet omdat er over Nico zo veel te vertellen valt, maar omdat er zo veel Nico's zijn waar wat over te vertellen valt. Het begon allemaal op een zomeravond in 1875 ...

Cornelis Jan ging naar de kroeg. Zijn tweede vrouw, hoogzwanger, zat thuis met zijn beide dochters en vier zonen, de overgebleven kinderen uit zijn vorige huwelijk.


biertje pakken

Heel normaal in die tijd voor een hardwerkende timmerman om 's avonds met z'n maten in de kroeg af te spreken en flink te zuipen. Af en toe een wedje maken, daar waren ze ook niet vies van. En de inzet? Geld of kostbaarheden hadden ze niet, dus werd er vanalles verzonnen. Die bewuste avond zette Cornelis Jan de toekomstige naam van zijn ongeboren kind in.
Glorieuze winnaar van de weddenschap was ene Nicolaas, die houten cementmolens maakte.
En zo gebeurde het: de eerste Nicolaas Seijnen werd op 29 augustus 1875 geboren, waarna nog vele Nico's volgden.

Bronnen: Cornelis Jan Seijnen (1915) en Hans Seijnen (1943)
DE SCHILDERIJEN VAN OPA

(over Cornelis Jan Seijnen 1915)
 

Hierbij wat foto's van schilderijen van mijn Opa. Hij is begonnen als amateur schilder. Indertijd had hij samen met een vriend een lijstenmakerij. Dat ging mis en hij is toen fulltime gaan schilderen. Zijn schilderijen gingen naar Duitsland en Amerika.
Privť gebruikte hij C.J. Seijnen, maar zakelijk had hij meer namen: Gianni en Cristallo.
Onder deze namen schilderde hij in opdracht verschillende landschappen.
Voor de familie maakte hij onder eigen naam diverse landschappen, bijvoorbeeld als huwelijkscadeau, of een clown bij de geboorte van een kind.
Hij schilderde altijd op zolder in de Spaardammerstraat, hij woonde daar op 2 hoog.
 


schilderij van CJ Cristallo
 


schilderij van CJ Cristallo
 


schilderij van CJ Cristallo
 


schilderij van CJ Cristallo
 


Een bijdrage van Sophia Koomen (1968)
MEER SCHILDERIJEN VAN CJ CRISTALLO

(over Cornelis Jan Seijnen 1915)
 

Natuurlijk zijn er overal schilderijen van Opa terecht gekomen (zie bovenstaand stukje) en af en toe duikt er ergens weer een op.
De foto van dit werkstuk, gesigneerd CJ. Cristallo, werd mij toegestuurd door de eigenaar, U. ÷zlen, na een bezoekje aan deze website. 
 

    schilderij van CJ Cristallo
schilderij van CJ Cristallo

Na het plaatsen van bovenstaande foto kwam al snel een reactie van de familie Ruiter, die al dertig jaar het hiernaast afgebeelde schilderij aan de muur heeft hangen. Het was een geschenk uit Oostenrijk.
Door de naam C.J. Cristallo eens op internet op te zoeken kwamen ze op deze pagina terecht.
 


Zo volgden er nog meer mailtjes, met of zonder foto toegevoegd en ťťn met een hele mooie herinnering, van J. Posdijk:

"Al sinds mijn jeugd ben ik door dit schilderij gefascineerd. Zolang ik mij kan herinneren hing dit schilderij bij mijn ouders aan de muur. Telkens weer trok het mijn aandacht.
Omdat in een gezin van 7 geen financiŽle middelen genoeg waren voor verre vakanties, bracht dit schilderij mij naar oorden waar ik pas veel later een bezoek kon brengen.
Fantaserend over uitheemse plekken op de aarde waar het net zo mooi weer zou zijn met blauw water waar je heerlijk in zou kunnen zwemmen. Zwijmelen over de eenzaamheid van de plek waar het huis staat. De bootjes in de verte.....Ja, waar denk je aan als je jong bent...."
 

Nog meer schilderijden, deze zijn ingezonden door:
     J. Ilmer, B. Buuts,
     M. den Hollander,
     G. Ebbenhorst en
     R. Cooper.



     


In deze mailtjes werd vaak gevraagd "is dit in Oostenrijk of Zwitserland?", maar daar wist ik nooit een antwoord op. Deze ruige bergen en idyllische meren, met die leuke Zwitserse en Mediterraanse huisjes, waar vindt je die? Na wat zoeken kwam ik het volgende tegen:



Monte Cristallo (Ortler massief)


Monte Cristallo (Dolomieten)

Er staat een Monte Cristallo op de grens van Zuid-Tirol en Lombardije (behorend tot het Ortler massief) met een hoogte van 3431m en niet ver daar vandaan, ten noordoosten van Cortina d'Ampezzo (in de Dolomieten), is de Cristallogroep met een Monte Cristallo van 3221m hoogte. Beide liggen in Noord-ItaliŽ en lijken veel op de bergen die op de schilderijen staan. Ook zijn er in het noorden van ItaliŽ veel prachtige meren, genoeg om inspiratie op te doen! Maar hij schilderde niet in Oostenrijk, Zwitserland of Noord-ItaliŽ, maar gewoon thuis op zijn zolder in Amsterdam, "fantaserend over uitheemse plekken op de aarde...."

 


  


CJ Cristallo
(CJ Seijnen)

1915-1983

Bronnen: reacties op deze site en wat surfen op internet
NOG EEN SCHILDERSTUK UIT DE FAMILIE

(over Nico Seijnen 1904)
 

Groot was mijn verbazing toen ik het volgende mailtje ontving:

schilderij van Nico Seijnen

"Ik ben Jelle de Boer en heb een schilderij van N. Seynen op een veiling gekocht maar er staan 2 puntjes op de y. Klopt dit ? Het komt uit 1944 met een Urker tafereel. Weet u hier misschien meer vanaf en of hij ook wel eens op Urk was geweest, of contact met iemand hierover heeft gehad. Ik ben benieuwd naar de achtergrond en waarom hij dit schilderij heeft gemaakt."

Natuurlijk moest dit familie zijn, want er is maar ťťn familie die de naam Seijnen spelt zoals wij, en de voorletter N kon natuurlijk alleen maar van Nicolaas zijn.
Na enig navragen bleek dat de broer van de schilder Cornelis Jan Seijnen, die Nicolaas heet, ook wel eens in zijn vrije tijd geschilderd heeft. Deze Nico signeerde zijn schilderijen altijd met N.S.

schilderij van Nico Seijnen

of N.Seijnen, waarbij hij (zoals hier) allemaal hoofdletters gebruikte en meestal zette hij er ook een jaartal bij. Over Urk en 1944 is niets bekend., maar er is wel nog een leuke anecdote bij te vertellen: in de oorlog kon Nico geen penselen kopen, dus maakte hij ze zelf. Daarvoor gebruikte hij het haar van zijn vrouw, zij had dik zwart haar.

Bronnen: reactie op deze site en Hans Seijnen (1943)
OPA JO SEIJNEN

(over Jo Seijnen 1903)
 

Opa_Jo Seijnen had meestal (altijd - onze speciale band -) alleen aandacht voor, en legde van alles uit aan, Alex.
Meestal aan de huiskamertafel, soms in de knutselkamer.
Als Hennie + Joop (+ Bep) er waren, zaten ze altijd apart te praten van Jo en Alex.
Alex kreeg boeken te lezen waar hij alleen met gewassen handen aan mocht zitten. En na 10 min. (van: heb je 't stukje al uit?) ging Opa het uitleggen.
Opa vertelde uitgebreid in geuren en kleuren van z'n levensverhalen; werkte ooit kort bij Politie en Brandweer, met vele humor situaties; in WO2 bracht hij nog geld in het laatje, door langs winkels te gaan en aan te bieden de Gevel-Letters te schilderen; enz enz.

Opa was een boeiend en autodidact ontwikkeld mens, nonconformistisch en met liefde voor nacht-radiopiraten en radiotechniek!
Z'n eigen RADIO gebouwd, en gaf die aan...Alex (Die heb ik nog -2005- en werkt). Opa vond het erg leuk dat ik die radio_Kwelktonica noemde en later had omgebouwd tot zender, met een slim buizen-voetje, waarmee ie zo weer ontvanger werd, zodat de radio-controle-dienst "RCD_Klaas Eiere" me na eventueel uitpeilen/aanbellen, nooit kon (op)pakken.
Toen ik dit erbij vertelde, als jochie van 7 of 8, lachte Opa zich de_tranen_met_zakdoek en ging het al z'n buren enthousiast vertellen! Dit was natuurlijk NIET Alex bedoeling, want wilde niet tegen de lamp lopen...
Opa was het, die Alex z'n 1e GITAAR gaf! En de 1e John Fahey_LP! Dus Opa heeft de meest sturende inputs gehad, die Alex leven hebben gevormd!

M.b.t. Opa's humor *: Hennie vond het niet veel; Oma werd regelmatig er boos om (van: dat kan je toch niet zeggen, tegen die jongen!) op Opa; Joop kon er soms om grinniken.

Opa was een allround geinteresseerde man:
anatomie (medicatie / geneeskunde): biologie (flora / fauna): sterrekunde (planeten / deepspace):
muziek (accordeon + zingen + mondharmonica): quantumMechanica (elementen / moleculen, Heelal / antiheelal, antiMaterie, tijd en ruimte):
werktuigbouwkunde (brugontwerpen artestiek / spankrachtverhoudingen-kracht maal arm- van: = kijk zo wordt dat berekend =):
schilderen (huizen + schilderijen): kon jehova's uit Bijbel weerleggen: klokken: zeer handig (2 rechter handen, wat ie dacht kon ie maken):
e.v.a. Hield van vissen, Alex vond dat dierenbeulerij.
Altijd even zonnig gehumeurd en kon uitmuntend mopperen. Nooit ziek, sterk hart. Wetenschappelijk en artestiek op hoogte.
Kort om: een Opa naar Alex hart!

Een bijdrage van Alex Seijnen (1959)

* zie: opa Seijnen vertelde aan de huiskamertafel
WAAR EEN "SIMPEL" MAILTJE TOE KAN LEIDEN

(over Harry Slabšk 1944 en
Dominique Vink-van Dongen 1957)

 

Op een dag komt er via deze site een mailtje binnen van ene Harry Slabšk, alias Han, die zich voorstelt als Dirk Jacobus maar geboren is als de Jong en vrolijk afsluit met Co.
Snap je 'm???
Tussen alle namen door schrijft hij: "Graag wil ik telefonisch kontakt voor informatie" en geeft z'n telefoonnummer. Dus snel bellen, want dit vraagt om opheldering!
Wat blijkt: in 1944 is hij geboren als Dirk Jacobus de Jong, kortweg Co. Hij was 1 jaar oud toen zijn vader stierf en zijn jonge moeder hem afstond aan het echtpaar Slabšk. Ze noemden hem Hanny, toen hij groter werd Han, zijn achternaam werd veranderd in Slabšk en pas toen hij bijna volwassen was hoorde hij over zijn werkelijke afkomst. Later veranderde hij Han in Harry en vroeg zich af wat er van zijn biologische moeder was geworden.
Na het nodige speurwerk kwam hij daar achter, hij had zelfs zusjes en een broertje! Maar ja, mensen verhuizen, kinderen gaan de deur uit en hij verloor zijn familie weer uit het oog...
Jaren later zoekt Harry op internet de meisjesnaam van zijn moeder en vindt haar al snel op deze site. Helaas, geen extra informatie! De naam van zijn moeder kwam uit het gemeente-archief Amsterdam en van haar jongste kinderen was alleen hun roepnaam bekend. Niemand wist waar ze woonden. Nu wist hij zelf wel hun achternaam, maar zijn zussen zouden waarschijnlijk inmiddels getrouwd zijn. Hoe spoor je deze mensen op?
Harry en Dominique
  Broer en zus weer samen
Met heel weinig aanknopingspunten besloten we toch een zoektocht in te zetten. Telefoonboek en internet werden op z'n kop gezet, ze zouden gevonden worden! Een hectisch gedoe van mailen en bellen volgde. Natuurlijk was het zoeken naar de bekende naald... Het was dan wel hectisch, het duurde maar kort. Vijf dagen na Harry's mailtje komt er nog een mailtje uit de lucht vallen, van niemand minder dan..... een zus van Harry! Toevallig had ze op internet de meisjesnaam van haar moeder gezocht. En over haar oudste broer? Daar was ze zelf ook al jaren naar op zoek!
Is het niet wonderlijk dat een broer en een zus die elkaar al bijna 30 jaar kwijt zijn binnen dezelfde week hun moeder op deze site ontdekken en een mailtje sturen?

Bron: reacties op deze site
VERVOLG

Mocht je na het lezen van deze familieschetsen nog iets te binnen schieten wat hier aan toegevoegd kan worden, LAAT HET EVEN WETEN! Reacties op de schetsen zijn echter ook van harte welkom! Het adres staat rechts boven aan de pagina onder "contact".
Daar kom je het snelst door op te klikken.

Als je je verhaal liever wilt vertellen i.p.v. opschrijven kan dat ook, daarvoor maken we gewoon een afspraak.

Verder wil ik iedereen die aan deze pagina heeft meegewerkt hartelijk bedanken!

Manuela Seijnen (1963)
Bedankt!
 

 

 

muis op lijn

 


Home  | Parenteel Seijnen | Fotoalbum | Nakomelingenlijst | Familieschetsen